CO2-Prestatieladder trede 4 behalen: stappenplan van A tot Z
CO2-Prestatieladder trede 4 behalen: stappenplan van A tot Z
Wil je als bedrijf écht werk maken van duurzaamheid en niet alleen de eigen deur op orde hebben? Dan is het behalen van trede 4 van de CO2-Prestatieladder een logische volgende stap. Dit niveau vraagt namelijk om actie die verder reikt dan je eigen kantoor of fabriekshal. Je moet je hele bedrijfsvoering en leveranciersketen betrekken bij het verlagen van CO2-uitstoot. Het klinkt als een flinke opgave, maar met een goede voorbereiding en een duidelijke aanpak is het zeker haalbaar. In dit artikel lees je hoe je stap voor stap naar trede 4 werkt.
Waarom trede 4 anders is dan de lagere tredes
Veel bedrijven starten met trede 1 of 2. Op die niveaus draait het vooral om inzicht krijgen in de eigen uitstoot (scope 1 en 2) en het nemen van interne maatregelen. Denk aan het vervangen van lampen door LED, het isoleren van het pand of het overstappen op groene stroom. Dat is belangrijk werk, maar het blijft vaak binnen de eigen muren.
Op trede 4 verandert het speelveld. De eis is dat je niet alleen je eigen CO2-uitstoot vermindert, maar ook die van je leveranciers en afnemers. Je kijkt naar je keten. Dit betekent dat je inkoopbeleid en samenwerkingen onder de loep moeten worden genomen. Het is de fase waarin duurzaamheid echt onderdeel wordt van je bedrijfsstrategie, niet alleen een apart projectje.
Een stappenplan voor trede 4 van de CO2-Prestatieladder
Om trede 4 te behalen, moet je een specifieke werkwijze volgen. Hieronder vind je een praktisch stappenplan dat je helpt om niets te vergeten en je goed voor te bereiden op de audit.
Stap 1: Vaststellen van je CO2-voetafdruk inclusief scope 3
De eerste stap is het in kaart brengen van alle emissies. Bij trede 4 mag je niet alleen kijken naar scope 1 (eigen brandstof) en scope 2 (ingekochte energie). Je moet ook scope 3 meenemen. Scope 3 omvat alle indirecte emissies die ontstaan in je waardeketen, zoals de productie van grondstoffen, het vervoer van goederen en het gebruik van je producten door klanten.
Voor een B1-niveau uitleg: scope 3 is vaak de grootste brok CO2-uitstoot, maar ook de lastigste om te meten. Je hoeft niet alle scope 3-categorieën direct volledig in beeld te brengen. Voor trede 4 is het belangrijk om te starten met de categorieën die voor jouw bedrijf het meest relevant zijn. Dit noem je ‘relevante categorieën’.
Stap 2: Kies je relevante scope 3-categorieën
Hoe bepaal je welke categorieën relevant zijn? Dat hangt af van je bedrijfsactiviteiten. Een bouwbedrijf heeft andere relevante categorieën dan een kantoor of een logistieke dienstverlener.
- Inkoop van goederen en diensten: Dit is voor veel bedrijven de grootste impact. Denk aan materialen zoals staal, beton, of diensten zoals IT.
- Vervoer en logistiek: Zowel het vervoer van grondstoffen naar jou als het vervoer van jouw producten naar de klant.
- Gebruik van verkochte producten: Als je producten verkoopt die energie verbruiken (zoals een machine of een voertuig), tellen de emissies tijdens dat gebruik ook mee.
Het is slim om een prioriteitsmatrix te maken. Welke activiteiten of productgroepen zorgen voor de meeste CO2-uitstoot? Daar begin je mee.
Stap 3: Bepaal je doelstellingen en maatregelen
Met de data op zak, stel je een reductiedoel vast. Voor trede 4 is de norm dat je doelstelling moet aansluiten bij de wetenschappelijke klimaatdoelen (Science Based Targets, oftewel SBTi). Dit houdt in dat je reductiedoel moet passen binnen de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs (maximaal 1,5 graad opwarming).
Voor je eigen bedrijfsvoering (scope 1 en 2) is dit vaak nog redelijk te bereiken. Maar voor scope 3 is het een uitdaging. Je zult hierover in gesprek moeten met je leveranciers. Je kunt niet zomaar een doel stellen voor iets waar je geen directe controle over hebt. Daarom is het belangrijk om je doelstellingen te koppelen aan concrete maatregelen.
Stap 4: Betrek je leveranciers actief
Dit is de kern van trede 4. Je moet aantonen dat je je leveranciers betrekt bij je CO2-reductie. Dit doe je op verschillende manieren:
- Vraag om data: Vraag leveranciers om hun CO2-uitstoot te rapporteren. Dit kan via een vragenlijst of een specifieke tool.
- Stel eisen in je inkoopvoorwaarden: Voeg een clausule toe aan je contracten waarin staat dat leveranciers moeten werken aan CO2-reductie. Dit mag geen harde eis zijn voor alle leveranciers direct, maar het moet wel een onderdeel worden van je inkoopproces.
- Samenwerken: Kies voor een aantal strategische leveranciers (de zogenaamde A- of C-leveranciers) om intensief mee samen te werken aan reductieprojecten.
Het gaat hier niet om een directe reductie-eis voor alle leveranciers, maar om het proces. Je moet kunnen laten zien dat je het gesprek aangaat en dat je een plan hebt om je keten te verduurzamen.
Stap 5: Voer maatregelen uit en meet resultaat
Een plan op papier is niet genoeg. Je moet de maatregelen ook daadwerkelijk uitvoeren. Dit kan betekenen dat je overstapt op een andere leverancier, je logistiek aanpast of investeert in schonere technologieën.
Meet de resultaten vervolgens goed. Zorg dat je data betrouwbaar is. De auditor zal dit controleren. Het is belangrijk om te laten zien dat je niet alleen je doelstellingen behaalt, maar dat je dit doet met een duidelijke methodiek.
Stap 6: De audit voorbereiden
Als je alle stappen hebt doorlopen, is het tijd voor de audit. Kies een gecertificeerde instelling die de CO2-Prestatieladder mag auditen. Zorg dat je alle documentatie op orde hebt:
- Het CO2-basisjaar en de bijbehorende emissies.
- De lijst van relevante scope 3-categorieën.
- Je reductiedoelstellingen en het bijbehorende actieplan.
- Communicatie met leveranciers (e-mails, contracten, verslagen).
- Resultaten van uitgevoerde maatregelen.
Een tip: wees transparant. Het is beter om aan te geven dat je ergens nog aan het werken bent, dan om informatie te verzwijgen. De auditor kijkt naar je proces en je inzet, niet alleen naar perfecte resultaten.
De uitdagingen van trede 4
Hoewel het behalen van trede 4 veel voordelen heeft, zijn er ook uitdagingen. De grootste uitdaging is vaak het verkrijgen van betrouwbare data van leveranciers. Veel leveranciers, vooral kleinere, hebben nog geen idee van hun eigen CO2-uitstoot. Dit betekent dat je soms zelf aan de slag moet met schattingen of dat je leveranciers moet helpen om hun data op orde te krijgen.
Een andere uitdaging is de tijd. Het opzetten van een goed ketenbeleid kost tijd. Het is niet iets wat je in een paar weken regelt. Reken op een doorlooptijd van minimaal 6 tot 12 maanden om alles goed op te zetten, uit te voeren en te documenteren.
Wil je meer weten over de kosten en de doorlooptijd van het certificeringsproces? Bekijk dan dit artikel over de kosten en doorlooptijd van de CO2-Prestatieladder. Het geeft een realistisch beeld van wat je kunt verwachten.
Het belang van een goede voorbereiding
Voordat je begint met het behalen van trede 4, is het slim om een goed beeld te hebben van de hele ladder. Er bestaat veel informatie over de verschillende niveaus en hoe ze zich tot elkaar verhouden. Als je een brede kennis hebt, kun je beter inschatten wat er van je verwacht wordt. Er is een uitgebreide gids beschikbaar die alle facetten van de ladder uitlegt. Je kunt alles over de CO2-Prestatieladder lezen in de complete gids voor 2025. Deze gids helpt je om de juiste keuzes te maken voor jouw specifieke situatie.
Scope 2 emissies: Kosten en impact
Een veelgestelde vraag gaat over scope 2 emissies. Dit zijn de emissies die ontstaan door de inkoop van energie (stroom, warmte, koude). Dit is vaak een van de grootste posten voor bedrijven die op trede 2 of 3 zitten. Op trede 4 kijk je hier ook naar, maar dan vaak in combinatie met je scope 3 emissies. Het is belangrijk om te weten wat de impact en de kosten zijn van het verduurzamen van je energiegebruik. Als je meer wilt weten over de financiële kant hiervan, kun je dit artikel lezen over de kosten van scope 2 emissies in 2025. Dit helpt je om een goede business case te maken voor je investeringen.
Veelgemaakte fouten bij het behalen van trede 4
Er zijn een aantal valkuilen waar bedrijven vaak in trappen bij het behalen van trede 4. Een veel voorkomende fout is het te snel willen te veel. Bedrijven proberen alle scope 3-categorieën in één keer te meten en te reduceren. Dit leidt tot een overweldigende hoeveelheid data en weinig daadkracht. Beter is het om te focussen op de 2 à 3 belangrijkste categorieën en hier een goed plan voor te maken.
Een andere fout is het niet goed documenteren van het proces. Je kunt veel goede gesprekken voeren met leveranciers, maar als je dit niet vastlegt, kan de auditor het niet controleren. Zorg dat je alles bijhoudt in een overzichtelijk duurzaamheidsverslag.
Wil je weten welke fouten je nog meer moet vermijden? Lees dan het artikel over veelgemaakte fouten bij duurzaamheidsverslagen. Dit bespaart je tijd en moeite.
Conclusie
Het behalen van trede 4 van de CO2-Prestatieladder is een flinke stap voorwaarts. Het vraagt om een integrale aanpak waarbij je niet alleen naar je eigen bedrijf kijkt, maar ook naar je leveranciers en klanten. Het is een uitdaging, maar het levert ook veel op. Je verlaagt je impact op het milieu, je voldoet aan de eisen van steeds meer opdrachtgevers en je maakt je bedrijf toekomstbestendig.
Door stap voor stap te werken – van het in kaart brengen van je voetafdruk tot het actief betrekken van je keten – zet je een solide fundament neer. Met een goede voorbereiding, realistische doelstellingen en een duidelijke documentatie is trede 4 behalen prima te doen. Het is een investering in een duurzame toekomst voor je bedrijf.